De tinnegieter Carl Wilhelm Kurtz kwam uit een zeer oude geslacht van tingieters. De familie Kurtz wordt voor het eerst genoemd in de archieven van de stad Reutlingen in de Duitse deelstaat Baden-Wurttemberg en werd vooral beroemd om het gieten van kerkklokken en andere grote objecten. Vanaf 1803 ging het familiebedrijf zich ook richten op het produceren van brandvertragende stoffen en bracht als een van de eerste in West-Europa brandblusmiddelen op de markt.
In 1833 opende Carl onder de naam C.W. Kurtz een winkel voor tinnen objecten aan de Kirchstraße 2 in de Zuid Duitse stad Stuttgart. De winkel was gespecialiseerd in productie en verkoop van religieuze en kerkelijke voorwerpen en was een van de grotere leveranciers in de Duitse Landen.
In 1863 gaf Carl de gerenommeerde architect / ontwerper Carl Beisbarth, de opdracht om een Avondmaal Kan set te ontwerpen. De set bestond uit een rijgedecoreerde tinnen kan en bord. Nadat hij de Avondmaal Kan set ontwierp voor de firma Kurtz blijf hij nauw betrokken bij het ontwerp van andere tinnen objecten.