De naam "zwarte" vatenmakers doet vermoeden dat dit mogelijk donker getinte vatenmakers waren.
Helemaal als je onderzoek gaat plegen en ontdekt dat er ook "witte" vatenmakers waren.
Maar de uitdrukking zwart en wit is dus totaal anders dan men denkt.
Bij de vatenmakers met deze kleuren, ging het niet om de huidskleur maar om de houtsoort die men gebruikte.
De zwarte vatenmakers vervaardigden vaten voor bier of wijn, en gebruikten donkere houtsoorten zoals: eiken, es of kastanje hout.
Bij de witte vatenmakers werd er voornamelijk hout van dennesoorten, zoals de spar gebruikt.
Er was ook een stukje rivaliteit tussen deze beroepen, aangezien de zwarte vatenmakers vaak werden gezien als de echte vatenmakers, en vonden zij zichzelf ook boven de witte vatenmakers staan.
Het vervaardigen en/of herstellen van hardhouten vaten met gebogen duigen en stalen banden vereisste meer vakmanschap en kennis.